Hemelvaart | donderdag 2 juni 2011 [slot]

Dit is de laatste tekst op de website van Joep. Alles is gezegd. Laten we de Dikke van Dale op het kampvuurtje in de uiterwaarden leggen. Vuur loutert. 

Alles is gezegd. En nog te weinig: op bladzijde 2068 zullen de vlammen geen vat krijgen Halverwege staat het, in de linkerkolom: waarom. Ongenaakbaar.

Het is Hemelvaart. Nog zo'n eigenaardig woord. Niet te lang naar kijken – er klotst water tussen de letters. Leg ze in de zon. Laat ze drogen. Gooi ze in de lucht. Ze zullen zelf hun weg vinden. Zoals alles en iedereen.

Alles is gezegd. Maar nog niet gevoeld. Heb geduld: dat komt wel. Verdriet kent je postcode. Woede weet waar je woont. En heimwee heeft nog een reservesleutel. Vroeger hadden we een nachtslot. Nu is de deur open. Na 25 februari 2011 sluiten we niets meer uit.

Wat we ook doen: overeind komen. Stof van kleren slaan. Vergeten post doornemen. Werken. Naar het kabaal in het mezenkastje van de buren luisteren – acht jonkies. Ouder worden. Kranten lezen, ook familieberichten. Over de slordige vergankelijkheid nadenken: er gaan mensen dood van wie je niet wist dat ze geboren waren. Naar de buurman luisteren. Gisteren is een mees uitgevlogen, zegt-ie. We hebben ’t niet gezien.

Een kort verslag van moeizaam hernomen levens. Daniël droomt over een lange reis. Mech is geslaagd voor haar coachingsopleiding en maakt haar huis leeg voor de aangekondigde renovatie. Ton en Loes werken, zo goed en bij vlagen kwaad als dat gaat. Heleen zoekt enkele dagen rust in Rome. Ton en Tine vinden troost in de zekerheid dat hun zoon op zoveel zielen z’n vingerafdrukken heeft achtergelaten. Mieke heeft een kat uit het asiel in huis genomen. De Tuinmannen hebben vorige week in de Verkadefabriek het plan ontvouwd waaraan ook Joep anderhalf jaar lang – letterlijk tot op de avond voor zijn vertrek – z’n denk- en daadkracht heeft geschonken: de oude mengvoederfabriek De Heus in Den Bosch tot een tuin der lusten voor cultuur en ontmoeting transformeren. De Zoldermannen? Die leven nog enkele dagen in wintertijd. Maandag zullen ze de grote stationsklok op de Walpoort een uur vooruitzetten – jarenlang was dat een klusje van Joep.

Alles is gezegd. Zelfs de stilte heeft af en toe het woord genomen, besef je op Hemelvaart 2011. Je mijmert. De bel gaat. Je doet open. ’t Leven staat voor de deur. Half schutterig, half stoer. Wilskrachtige oogopslag. Rode bal onder z’n arm. “Kom je weer buitenspelen?”, vraagt-ie. Je aarzelt. Het woordenboek roept iets, vanuit de kamer. Je verontschuldigt je tegenover het leven. Loopt naar de tafel. De Dikke van Dale slaat zichzelf open. Gidst je naar de bladzijden 1005, 1013 en 1039: lente, licht en lucht. Terug de gang in. “Ik kom”, knik je. Je trekt je schoenen aan. Je denkt aan hem en aan bladzijde 1016: liefde. 

Later zul je je proberen te herinneren of je rechter- of linkervoet als eerste over de drempel stapte. Je zult het niet meer kunnen achterhalen. Maar je ging. En je wist dat hij met je meeliep.


Dank, voor al jullie steun en liefde.